Ideeën zaaien in plaats van GGO’s

Toen Nature & Progrès Belgique in 1976 werd opgericht, was er nog maar weinig sprake van ecologie en biologische producten, en nog minder van GGO’s. Die bezorgdheid dook pas twaalf jaar later op: “In 1998, toen België voorzitter werd van de Europese Unie, riep de Minister van Landbouw Jaak Gabriels een vergadering van deskundigen bijeen om de middelen te bestuderen om gemakkelijk en snel GGO’s te verspreiden in Europa. De meeste deskundigen waren afgevaardigd door Monsanto. Het was het eerste evenement dat onze aandacht trok: men wilde weten waarom het beleid hierover nadacht zonder de mogelijkheid te hebben geëvalueerd”, zegt Marc Fichers, secretaris-generaal van Nature & Progrès. In datzelfde jaar werd in Canada een biologische landbouwer, Percy Schmeiser, door Monsanto aangeklaagd voor het telen van GGO’s op zijn veld. “In werkelijkheid was het veld van deze zaadproducent vervuild door de GGO’s. Dit betekende dat wanneer GGO’s aankomen in België, we niet meer ongehinderd biologisch konden telen.”

De vereniging kiest daarop om zich niet principieel te positioneren tegen transgenese, maar om te vragen dat vóór elke teelt in open lucht testen in een gesloten milieu de draagwijdte van GGO’s aangetoond zouden hebben en de veiligheid ervan voor de landbouw en samenleving. In het begin van de jaren 2000 is België echter weer bedekt met proefvelden waar GGO-koolzaad wordt geteeld. Een aantal van die velden worden moedwillig vernietigd, maar Nature & Progrès verkiest de weg van de wet te volgen: “De wet legde een minimale afstand op tussen het proefveld en de andere koolzaadvelden. Omdat aan die voorwaarde niet was voldaan, moest Bayer zijn planten rooien.” Deze eerste burgeroverwinning, die de verdwijning van de GGO-proefvelden in België inluidde, werd behaald dankzij een origineel burgerinitiatief: duizenden burgers hebben aan de minister van Landbouw in de tijd schriftelijk gevraagd dat de wet zou worden nageleefd.

Vervolgens heeft Nature & Progrès ook een verzoek ingediend bij alle Waalse gemeenten om met hun burgers een debat over GGO’s te organiseren om al dan niet een motie te stemmen om het planten van GGO’s op hun grondgebied te verbieden. “We hebben het informatierisico genomen: we hebben aan tientallen zeer interessante debatten deelgenomen met landbouwers en wetenschappers die dicht bij het GGO-milieu staan, en hoewel elke bijeenkomst vaak begon met de idee dat GGO’s misschien interessant konden zijn voor de toekomst van de wereld, veranderden de meningen op het einde van het debat, in zoverre dat 35% van de gemeenten voor die motie stemde. ”

Omdat de pro-GGO’s de kennis van de problematiek voor de burgers wilden bemoeilijken, kon Nature & Progrès een verschil maken met zijn zin voor debat, zijn vulgariserend werk en zijn participatieve visie, maar ook dankzij een zeker gevoel voor strategie. De vereniging had veel expertise opgebouwd op het gebied van GGO’s en werd in 2005 gevraagd om deel uit te maken van een werkgroep op initiatief van het Waals Gewest om een wet op te stellen over de co-existentie van de GGO-teelt en niet-GGO-teelt. “Het is de meest heldere wetgeving over de co-existentie van GGO’s in Europa: ze houdt rekening met de verspreidingsmogelijkheden van GGO’s en legt voorwaarden op die het telen van GGO’s bij ons zeer duur en dus vrijwel onmogelijk maakt. 

© Foto's: Collectif Huma

© Teksten: Isabelle Masson

Naam van de burger: Marc Fichers

Catégorie: De volledige verbal

Partagez: